Mario Molegraaf (1960) publiceerde een aantal boeken (zijn meest recente boek is 'Onder de Akropolis. Kleine geschiedenis van het moderne Griekenland') en vele vertalingen (onlangs Mark Galeotti’s 'Een kleine geschiedenis van Rusland' en Nana Ekvtimisjvili’s roman 'Het perenveld'). In de Provinciale Zeeuwse Courant verzorgt hij wekelijks de rubriek ‘Zeeuwse Schrijvers’ en in Den Haag Centraal bespreekt hij Haagse literatuur.
de columns van Mario Molegraaf:
recente columns:
gepubliceerd op 23 maart 2021
Simon Vestdijk, ᾽s-Gravenhage

Een saai graf, in een saaie rij, op een saaie begraafplaats (waar ze, zo te zien, planten als een plaag zien en bommen op de bomen hebben gegooid). Maar het betreft dan ook een volgens menigeen saaie schrijver. Simon Vestdijk, precies een halve eeuw geleden, op 23 maart 1971 overleden. Grafnummer 4654, op de Haagse begraafplaats Nieuw Eyckenduynen. Door hemzelf uitgekozen, want hij wilde worden bijgezet bij zijn moeder. Er is geen wandelroute naar het graf, nul ceremonie. Misschien in lijn met zijn besluit dat zijn begrafenis sober moest verlopen, en vooral toespraak-loos. De tekst op het graf, zo’n typische moeilijk te doorgronden Vestdijk-tekst, was niet zijn keus, maar van zijn weduwe. Zoals meer van haar keuzes ietwat dubieus. ‘’t Antwoord op elk raadsel in de tijd, D’eendre oplossing: vergank’lijkheid,’ zijn de woorden van haar voorkeur. Ze liet er de bronvermelding bij beitelen: Mnemosyne in de bergen.

Ook ik rekende Vestdijk tot de saaie schrijvers, vele strekkende meters proza, poëzie en essay die je in de kast kunt laten staan. Maar uitgeverij kleine Uil deed de grote daad zijn Een Alpenroman opnieuw uit te brengen, met een informatief nawoord van Doeke Sijens. Toen de roman in 1961 verscheen, haalden sommige recensenten uit. ‘Dit boek is ziek, zo ziek,’ tierde de bespreker van Algemeen Handelsblad. De recensent van Trouw zat in het nauw omdat de roman ‘zich bezig houdt met een verboden vorm van geslachtelijke liefde’.

Een Alpenroman is het verhaal van de mooie Lucie en de nog mooiere Anna. De besprekers hadden mínstens op lelijke vrouwen gehoopt, een dat zal ze leren afloop en veel schuldbesef, maar Vestdijk gunde hun lesbische liefde een onbekommerd happy end. Ook in andere opzichten is de roman een beetje Boeketreeks. Op de zeer romantische kus – we zijn dan op pagina 282 van de 390 pagina’s tellende roman – volgt de in 1961 verbluffende liefdesverklaring: ‘Wat ik voor jou voel is veel mooier, zuiverder, dan voor welke man ook’.

De nieuwe uitgave verscheen in de Regenboogreeks, een serie klassiekers uit de lhbt-literatuur. Een roman van Vestdijk dus, géén lesbo, niet eens homo, maar een verstokte hetero. De aanhangers van de huidige identiteitsapartheid zullen minstens even veel pijn, frustratie, woede en teleurstelling moeten wegslikken als indertijd de recensenten. Als ik voor het graf sta, breekt de zon door. Ineens geen sliertje saaiheid meer in de lucht.