
Mario Molegraaf belicht in deze rubriek recent verschenen bundels van Nederlandse en Vlaamse dichters. Deze keer schrijft hij over Projectmedewerkers van Anne Vegter:
Projectmedewerkers, de nieuwe bundel van Anne Vegter (1958), is een geval van doorzetters gevraagd, smachtend naar oases in een woestijn. Het boek biedt een cyclus in twaalf delen die alleen de onderste vier regels van ruim vijftig pagina’s vult, vervolgens een reeks van zestien gedichten, verder zijn er afbeeldingen van eigen hand en natuurlijk is er een flaptekst, al dan niet verhelderend. Die flaptekst begint: ‘Een stabat mater – zo laat de poëzie van Anne Vegter in Projectmedewerkers zich misschien het best omschrijven’. Hoe moet je hierop reageren? Met een ‘aha!’, of is het eerder een ‘tja?’.
In ieder geval word je zo genoopt tot een soort omgekeerde uitleg, een poging de twee genoemde reeksen, ‘Projectmedewerkers’ en ‘Voor de vervuiling’ geheten, in de zin van de flaptekst te verstaan. ‘Stabat mater’, de moeder staat. In het oude Latijnse gedicht, vertaald door onder anderen Vondel, Gezelle en Wilmink, gaat het over de ‘mater dolorosa’, Maria die treurt onder het kruis van haar zoon.
Met veel goede wil kun je dit koppelen aan ‘Projectmedewerkers’, een ingewikkeld familiemozaïek, met een moeder die wanhopig probeert het gedrag van een zoon goed te praten. Er zijn drugs en drank: ‘wie gelooft dat hij met die promilleknaller de snelweg op rijdt’. Desgewenst kun je ‘stabat mater’ eveneens aan ‘Voor de vervuiling’ verbinden. De reeks eindigt met een variant op de tien geboden, maar we lezen ook over een ‘dienstdoende paasfiguur’ die zelfs stigmata toont: ‘ik leg je het bloeden van mijn handen uit’.
Anne Vegter houdt de moed erin met haar baldadigheid. Vooral in ‘Voor de vervuiling’ is er zelfspot. Ze schrijft ergens: ‘vegter weet dat planten ons judgen’. Ze laat in haar dichterlijke kaarten kijken: ‘licht neemt eerst had ik zicht staan volgens mij kan het allebei’. Juist als je het gevoel krijgt van automatische piloot, lees je: ‘chatgpt schrijft’. De oeverloze modieuze woordenstroom (‘no way bro’, ‘fokking trek in een sigaret’) van de eerste reeks onderbreekt ze met: ‘ze zitten hier niet voor de poëzie’. Probleem is alleen dat wij lezers er wél zitten voor de poëzie.
Mario Molegraaf
Projectmedewerkers, Querido, paperback, 88 pag., € 19,99
ISBN: 9789021497945