gepubliceerd op 30 november 2018
Uit het NLM-archief: Eugenie Boer over het Sint-Nicolaasfeest

Sinds 1983 verschijnt het Nieuw Letterkundig Magazijn, het halfjaarlijkse tijdschrift van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde. Het blad bevat literaire en historische bijdragen van een –meer of minder– licht wetenschappelijk karakter, waarbij de nadruk ligt op de Nederlandse literatuur. Vanaf volgend jaar zal er jaarlijks naast één papieren nummer ook een digitale editie van het NLM verschijnen.

De jaargangen 1 t/m 33 zijn al gedigitaliseerd en op de DBNL terug te vinden. Om hier nog eens de aandacht op te vestigen duiken de redacteuren van het NLM om de paar weken in het rijke archief van het tijdschrift om er een bijzonder artikel uit te lichten. Dit keer kiest Susanne Onel twee artikelen van Eugenie Boer over het Sint-Nicolaasfeest:

 

‘Om te voorkomen dat de landelijke intocht van Sinterklaas uit de hand loopt, heeft Zaandam strikte regels opgesteld. Het gebied waar de Sint aankomt, wordt afgezet met hekken. Dat terrein is alleen via toegangspoortjes toegankelijk. […]’ (de Volkskrant van 3 & 4 november).  Er moest zelfs een kortgeding aan te pas komen, ondanks de toezegging van de NTR om slechts roetpieten in te zetten, met haren van allerlei soort en kleur, zonder zwarte maillot… Wat zou Eugenie Boer (1947-2012) dit alles vreselijk en deerniswekkend  hebben gevonden! Zij was een fervent behoedster van het feest van de goedheiligman.

 

Vele malen las zij uit Eline Vere de beginscène voor van het achtste hoofdstuk: Sinterklaasavond bij de Van Erlevoorts.  Op de avond van 5 december reed ze altijd, evenals haar familieleden en een aantal vrienden, gezeten naast haar knecht-chauffeur, in de wijde omgeving rond om bij een uitverkoren adres vliegensvlug uit te stappen, hard op de deur te bonzen, de pakjes op de stoep te deponeren, en dan weer in razende vaart weg te scheuren. De ontvanger mocht na opening van de deur wel roepen: ‘Dank u wel Sint-Nicolaas’, maar mocht niet proberen (de auto van) de gulle heilige te traceren. Zo waren de regels. Mooie tijden waren dat.

 

In 2009 schreef Eugenie Boer voor het decembernummer van het NLM een artikel waarin ze laat zien dat de 19de-eeuwer Potgieter, toch van protestantse huize, een voorstander was van de viering van een feest dat ontstaan was ter ere van een roomse heilige.  Potgieters promotie van Sint-Nicolaas reikte tot zelfs over de oceaan: dankzij hem ligt in een New Yorkse bibliotheek Jan Schenkmans Sint Nikolaas en zijn knecht (ca.1860), het eerste kinderprentenboek over de goedheiligman, dat een enorm succes werd.

 

Een van de laatste artikelen die Eugenie Boer voor haar dood schreef, staat in het meinummer 2012 van het NLM: ‘Doet wèl gezegenden op aard! Leden van de Maatschappij op de bres voor Sint-Nicolaas’. Ook hierin toont ze aan dat 19de-eeuwse protestantse Maatschappij-leden, in weerwil van de heftige afkeuring door streng-protestantse dominees, toch voorstanders waren van het Sint-Nicolaasfeest, omdat dit een mooie gelegenheid tot liefdadigheid bood en voor pedagogische doeleinden gebruikt kon worden.

 

Nu 5 december wederom nadert, en er wéér allerlei discussies en acties opduiken rond de goedheiligman en zijn knechten, is het aardig om deze beide artikelen van Eugenie Boer nog eens te lezen. Ik wens u, in navolging van de kortgedingrechter, een vredig sinterklaasfeest toe.

 

Lees hier het artikel van Eugenie Boer over Potgieter en Sint-Nicolaas uit 2009.

 

Lees hier het artikel van Eugenie Boer over de Maatschappijleden en Sint-Nicolaas uit 2012.