gepubliceerd op 24 juli 2017
Dames in Data: Annie M.G. Schmidt – 1988

In mei 2018 herdenkt de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde dat 125 jaar geleden vrouwen werden toegelaten tot de Maatschappij. Al eerder waren er ereleden benoemd, zoals Geertruida Bosboom-Toussaint in 1870, maar in 1893 werden de eerste dertien talentvolle vrouwen ‘gewoon lid’. Om de paar weken kunt u op deze website een blog verwachten over memorabele momenten in de literaire vrouwengeschiedenis. Vijfentwintig talentvolle vrouwen met een belangwekkende inbreng in de letterkunde, taalkunde of geschiedenis krijgen zo een digitaal monument. Deze keer Joke Linders over Annie M.G. Schmidt:

 

Het lelijke jonge eendje wordt een zwaan

1988: Annie M.G. Schmidt krijgt de H.C. Andersenprijs

 

Door Joke Linders

 

Donderdag 7 april 1988. Annie M.G. Schmidt, Renate Rubinstein en Ed Leeflang vertoeven in de keuken van hun vakantieverblijf aan de Oude Maas als ze de telefoon horen. Het huis is zo groot dat het enige tijd kost voor het geluid vanuit de hal in de keuken belandt. ‘Ed erheen en terug: Annie, voor jou! Hij wil niet zeggen waar het over gaat. Annie erheen [… en  na geruime tijd] terug: “Ik heb de Hans Christian Andersenprijs gekregen.” Ze zegt het met voldoening. Ze heeft meer prijzen gehad en ze vond ze, geloof ik, allemaal overdreven. Maar deze prijs heeft ze willen hebben en […] nu heeft ze hem’, aldus Tamar [Renate Rubinstein] in haar column een week later in Vrij Nederland.

 

Dit grootse eerbetoon overkomt Schmidt nog geen half jaar nadat ze de Constantijn Huygensprijs voor haar hele oeuvre in ontvangst heeft mogen nemen. Met de toekenning ervan heeft de jury het onderscheid tussen hoge (elitaire) en lage (populaire) literatuur terzijde willen zetten. ‘Het oeuvre van Annie M.G. Schmidt laat zich moeilijk in hokjes stoppen. Ook de eenvoudigste indeling, die tussen het werk voor kinderen en dat voor volwassenen, geeft al problemen, omdat er geen onderscheid is in toon en nauwelijks in thematiek. Al haar kinderboeken zijn voor lezers van vijf tot vijfennegentig jaar en het werk voor volwassenen heeft dezelfde onbevangen kijk op de wereld als de kinderboeken’, aldus het juryrapport. Waarna Kees Fens betoogde dat haar werk een nieuwe literatuuropvatting had veroorzaakt. In alle opzichten een aardverschuiving dus.

Schmidt die helemaal niet ‘ingelijfd’ wenste te worden ‘bij dat ploegje pedanten van de Nederlandse literatuur’ had een en ander met haar gebruikelijke ironie geaccepteerd. ‘Ik heb nooit een prijs begeerd of zo. Ik heb eigenlijk ook nimmer de behoefte gehad om ergens bij te horen. Ik voel me net het dienstmeisje dat haar schortje om mag doen, even haar handen wast en dan binnen mag komen bij de grote heren om te zeggen: “Goedenavond heren, wat wilt u drinken?” En dan weer weggaat.’ Toch komt daar nu nog een internationale bekroning overheen!

Andersenprijs

Ze is niet alleen de eerste Nederlandse auteur ooit die ‘de kleine Nobelprijs’ ontvangt, het eerbetoon biedt een excellente kans haar werk verder in het buitenland te verspreiden. Dat laatste behoeft zeker voor Groot-Brittannië en de Verenigde Staten verbetering. In haar dankwoord bij de uitreiking van de H.C. Andersenprijs, later dat jaar in Oslo, beweert Schmidt: ‘It is a bit curious and frustrating to make a speech in English when my best books are not available in that language.’ Een fraaie overdrijving. Op het moment dat zij haar beklag doet, zijn niet alleen de Jip en Janneke-boeken al twee keer in het Engels vertaald, maar ook een aantal versjes (Pink Lemonade). Voor de vertaling daarvan heeft Henrietta ten Harmsel nota bene de Nijhoffprijs gekregen. Ook van Abeltje, Floddertje en Waaidorp zijn Engelstalige versies te vinden.

 

‘Wereldberoemd’

De reacties op deze prestigieuze onderscheiding zijn uitbundig. ‘Nu wereldberoemd’ verkondigen de advertenties van haar uitgever. ‘Annie M.G. Schmidt, the real Queen of Holland’. Rudy Kousbroek spuwt zijn gal over de jarenlange onderwaardering van een talent dat niet onderdoet voor Auden of Elsschot, alleen maar omdat ‘de Serieuze Cultuur sommige uitingen van kunst in de kiem heeft weten te smoren’. En met het noemen van deze auteurs voegt Kousbroek twee nieuwe namen toe aan het rijtje van Tucholsky, Milne en Kästner met wie Schmidt graag op één lijn wordt gezet.

De uitreiking van de Hans Christian Andersenmedaille en een replica van de kleine zeemeermin uit Andersens werk draagt, zoals gehoopt, bij tot opname in de internationale Parnassus. Niet zozeer vanwege het juryrapport dat Schmidt prijst om haar ‘ironic tone, witty criticism and a style that is amusing, clear, rebellious and simple to its essence’, maar vanwege de persoon die haar de prijs overhandigt, de even eigenzinnige als zielsverwante Astrid Lindgren. Met veel gevoel voor drama roept de net zo blinde collega haar toe: ‘Annie, I love you so much, where have you been all my life?’ De foto waarop de twee fenomenen een taartje delen – vanwege de lijn – gaat de hele wereld over.

In haar originele acceptance speech, een briefwisseling met Andersen in de hemel, voegt Schmidt op haar beurt twee namen toe aan het gezelschap van auteurs waarin zij graag vertoeft. Al legt ze de signalering van die verwantschap, heel slim, in de mond van de grote sprookjesschrijver zelf. ‘Yesterday I have spoken about you with my friends Heinrich Heine and Charles Dickens. We agreed that you have some talent. So: Go on! Proceed! Try again!’ Het is een geraffineerde poging haar werk voor kinderen te verbinden met dat van internationaal gerenommeerde auteurs die geacht worden om hun ironie, poëzie en vertelkunst maar zelden associaties oproepen met literatuur voor kinderen.

De slotregels van haar brief aan Andersen maken duidelijk hoezeer Schmidt inmiddels één is geworden met haar sprookjeswereld: ‘I have been an ugly duckling for a long time, now I am an old and ugly swan. But still a swan.’ En daarmee valt het sprookje dat aan haar werk ten grondslag ligt, samen met haar leven.

Later in het jaar 1988 is ze met ruim 21% van de 25.000 uitgebrachte stemmen ook de winnaar van de Publieksprijs voor gedichten. Toon Hermans is tweede, Jules Deelder derde, Nel Benschop vierde en Judith Herzberg, Rutger Kopland, Lucebert, Huub Oosterhuis en Willem Wilmink delen een vijfde plaats.

 

Verder lezen

Joke Linders, Doe nooit wat je moeder zegt. Annie M.G. Schmidt, de geschiedenis van haar schrijverschap. Querido, 1999. De Hans Christian Andersen Award wordt om het jaar uitgereikt door de International Board on Books for Young People (IBBY).